Magic India

Magic India

Magic India Augustus 2013. Mijn trouwe cordéemaat wakkert een sluimerend idee terug op: dit jaar nog op expeditie vertrekken, nestelt zich terug in onze gedachten. Wij wilden eigenlijk naar China om er te gaan klimmen, maar omwille van de organisatorische rompslomp van visa, toelatingen en de constante aanwezigheid van een verbindingsofficiers tijdens de expeditie laten we dit idee los. Anderzijds vangen we geruchten op van een mooi dal, vol met onbeklommen rotswanden en in een gebied dat nog gemakkelijk bereikbaar is. Een dal, dat tot in Tibet doorloopt, toegankelijk vanuit het uiterste Noorden van Indië. Met Raphaël, Louis en Olivier, zijn we een gepast viertal. Wij zijn allemaal berggidsen en zien uit naar een verkenning van het gebied. Via Helsinki zet het vliegtuig ons in Delhi aan de grond. We zijn nog niet goed uitgestapt en vertrekken al verder per taxibusje naar het uiterste noorden van Himachal Pradesh. Wij zijn er ons op dat moment nog niet van bewust, maar deze verplaatsing zal naderhand het gevaarlijkste deel onze India expeditie blijken te zijn. Steenslag op de auto, gaten en wegverzakkingen, voorbijsteken op zijn Indisch, heilige koeien op stap … Meer dan eens hebben wij de ogen gesloten, terwijl onze chauffeur op zo’n momenten het volume van de indi-pop de hoogte in liet gaan. Na vier dagen van zowat 15 uur rijden komen wij in het Kinnaur dal aan. Op 12 km van onze eindbestemming, houden Nepalese wegarbeiders ons tegen. De weg is afgesloten. Hij is grotendeels verdwenen door een enorme landverschuiving. Onze chauffeur, uitgeput van de reis, laat ons hier achter … Wij overschouwen wat aangeslagen de situatie. Onophoudelijke donderen stenen op wat er van het wegdek overblijft. Moeten wij daardoor ? Het doet ons als berggidsen denken aan het couloir waarlangs we op de normaalroute van de Mont Blanc naar de refuge du Gouter klimmen, hij wordt ook de dodengeul genoemd. Wij hebben ieder een zak van 30 kg met kledij en vooral klimmaterialen en touwen en zowat 40 kg aan voedsel. Al heel snel gaan we over tot een stemming om te bepalen of we de steenregen zullen trotseren om alle bagage naar de volgende veilige zone over te brengen. De stemming is eensluidend NEEN! Wij zullen de nacht “in the middel of nowhere” op 3000m doorbrengen en zien morgenvroeg wel of de natuur zich gewilliger voor ons opstelt. Dag 5, onze definitieve bestemming komt in zicht. De nacht heeft wijsheid gebracht en ‘s morgens slapen de stenen nog. Lambar een Indiaas dorp van 56 inwoners verwelkomt ons. Wij zijn op enkele kilometers van de Tibetaanse grens. Sommige zullen terecht opmerken dat ik het niet over China heb maar over Tibet. India erkent de annexatie van Tibet door China niet die in 1937 eenzijdig werd opgeëist en die ervoor zorgde dat de Dalai Lama zich noodgedwongen in ballingschap moest vestigen in India. In Lambar, maar ook in de rest van het dal, leven vele Tibetaan en Nepalezen. Van de dorpsoverste mogen wij ons kamp in het dorp installeren. Het lijkt wel of de inwoners al een hele tijd geen ‘blanke man’ meer gezien hebben. Zij kijken ons met grote ogen aan wanneer we onze tenten en touwen uitpakken. De volgende dag gaan wij met onze verrekijkers op pad, op zoek naar beklimbare wanden en rotsbarsten. Wij zijn op 3400m, er is geen sneeuw. Een eerste poging om een nieuwe route te openen wordt een mislukking en eindigt in een barst die verdwijnt in een veel te gladde verticale wand. Drie dagen later is het wel zover. We klimmen in de prachtige rotswand op 30 minuten lopen van het dorp tot boven. De route geven we „Les Tics de Lambar“ als naam (noot Namaste: de Fransen houden van woordspelingen. In de naam van de route vinden we hier de combinatie van enerzijds het woord ethiek en anderzijds van de vervelende diertjes die teken noemen (des tics in het Frans). Van die kleine beestjes kregen zij meerdere beten per dag toegediend maar de route werd met de nodige klimmersethiek geopend). Een rustdag laat ons toe wat aankopen te doen in het naburige dorp waar een honderdtal dorpelingen van de aardappelteelt leven. De wirwar van boeddhistische tempeltjes is ronduit majestueus. De kinderen van de school dansen op het ritme van de trompet, die wordt aangeblazen door de onderwijzeres zelf! De daaropvolgende dagen houden wij hetzelfde ritme aan. 2 tot 3 dagen klimmen en vervolgens een rustdag. Klimmen op een hoogte van 4000m is niet echt alledaags meer en werkt op het menselijk organisme. We kunnen echter niet weerstaan aan de schitterende rots. Het mooie weer is vrij stabiel. Slechts 2 korte onweders brengen hierin afwisseling tijdens onze 3 weken durende Indische klimexploten. 4 nieuwe klimroutes zien het daglicht. De dorpelingen komen ons allemaal bezoeken. Zij bestuderen grondig het materiaal dat wij gebruiken en keuren onze kookkunsten met de plaatselijke groenten en de beroemde chapatis (soort pannenkoek van meel en water). Dank zij foto’s die wij bij het klimmen nemen, tonen wij wat wij allemaal uitspoken op de rechte rotsenwanden die hen insluiten. Onze Indische of Nepalese woordenschat is niet groots en het Engels heeft hier nog niet echt doorgang gevonden. Het dorp kan opgesplitst worden in een deel waar de Indiërs wonen. Hun huizen hebben stenen muren en een dakbedekking van golfplaten. Het andere deel wordt bewoond door oorspronkelijke bewoners uit Nepal en Tibet. Zij wonen in mooie huisjes, opgetrokken uit een mix van hout en steen, iets meer '' feng-shui ''. Na enkele dagen al, worden wij door enkele families “geadopteerd”. We mogen bij hen op de ''Chai'' (zeer zoete thee), en bij diegenen die een haard hebben kunnen wij ons gaan verwarmen. De eenvoud van elk contact, de afwezigheid van een sociale barrière en de rijkdom van wat men in hun ogen kan lezen, zijn voldoende om het gebrek aan woordenschat op te vangen. S’ Nacht daalt het kwik tot -2°C maar tijdens de dag meten we +20°C op de zuidelijk gelegen rotswand! Bij ons vertrek, kondigt in Lambar, de seizoenswissel zich aan. De winter is er lang, zowat 6 maanden, en de sneeuwhoogtes die met handgebaren worden vertaald, laten ons begrijpen dat het dorp goed moet voorbereid worden. Zij moeten dringend aan de slag. Wij zijn gekomen met genoeg extra kleding, donsjassen, handschoenen en mutsen en met een kleine voorraad geneesmiddelen. Wij geven alles graag door aan enkele moeders uit het dorp. Met spijt in het hart en lege zakken vertrekken we uit Lambar. Ik wist dat de terugreis nuttig zou zijn om mij terug los te kunnen koppelen van deze betoverende werkelijkheid, dit leven terug in de tijd, van deze microkosmos. Wat een geluk om beide werelden onbekommerd te kunnen beleven. Tot later Lambar! Routes die geopend werden tussen 2 en 22 oktober 2013-11-30 - La voie des Tontons, 6a, 220m - L’affaire Spoetnik, 7a et Ao, 300m - Les Tics de Lambar, 6b, 200m - L’insouciance du Beat Nik, 6c+, 220m PDF topo 1, ACCES PDF topo 2, L'AFFAIRE SPOUTNIK 7a en Ao, 300m PDF topo 3, LES TICS DE LAMBAR 6b 220m PDF topo 4, L'INSOUCIANCE DU BEAT NIK 6c+ 220m
Namaste gidsenteam. De weg naar de foto's