Een gelukte Cresta Est en een bijna Monviso. Maatwerk en wispelturig weer.

Een gelukte Cresta Est en een bijna Monviso. Maatwerk en wispelturig weer.

Een verhaal van aanlopen en klimmen, techniek en fysiek, twee verschillende hutten met elk hun eigenheid, van plaatselijke aperitiefhapjes met mousserende appelwijn en uitstekend avondeten opgeluisterd door een vierkoppig muziekgroepje, maar ook van erg magere beschuitenontbijten met soms koude koffie, van zonovergoten rotsgraten maar ook van plotselinge sneeuwval op 1800m hoogte, een verhaal van overwinning en noodgedwongen opgave, een verhaal van bergen in al hun verscheidenheid. Het groepje bestaat uit Herwig, die de vorige jaren al wat zweet liet in de bergen maar toch een constante aantrekkingskracht ondervindt om er ook dit jaar weer bij te zijn. In zijn zog brengt hij zijn zoon Pieter mee, sportief maar zonder bergervaring en Pieter, die er ondertussen met zijn dochter vandoor is en al wel wat berghoogtemeters in de benen heeft. Rotsklimmen is voor de zoonlieven nieuw, Herwig zette vorig jaar al zijn eerste lange rotsklimroute op zijn palmares. Wanneer we in Rigugio Giacoletti aankomen staat de uitdaging al te pronken. Vlak boven de hut toornt de Cresta Est van de Punta Udine. Daar gaan we morgen op. Dezelfde avond hebben we een schitterende zonsondergang met zicht op de Monviso, een aperitief met muziekband buiten de hut, een schitterende Italiaanse maaltijd en een avondconcert, nu wel binnen, waarin ook Herwig zijn mondharmonicatalent laat gelden. Wanneer we ’s morgens de rotsgraat aanpakken schittert hij al in de zon. Zo gaat dat nu eenmaal met naar het oosten gerichte rotswanden. De route krijgt quotatie AD+ 4c max, 4b obligatoire mee en dat zullen ze op de moeilijkere passages geweten hebben maar het is de uitdaging waard. Het drietal laat zich de route smaken, is terecht fier op de prestatie en vergeet al snel de enkele, volgens hen en in het vuur van de strijd uitgeroepen, “kl..te passages” waarin wat moet gezwoegd wordt en de voeten soms het luchtledige opzoeken. Geef toe, in een uitdaging behoort wat pit te zitten. Proficiat en een bank vooruit voor de beide starters in de klimsport maar ook voor Herwig die de cap van de 50 al enkele jaren terug genomen heeft en van geen ophouden weet. Dag drie is onze verplaatsingsdag en als het dan toch moet, kan de regen beter nu op het menu staan. We wachten op een wat droger moment en vertrekken dan naar de Quintino Sella hut aan de voet van de Monviso. De regen en het mistige Po weer, de indrukwekkende Po-vlakte ontspringt hier aan de voet van de Monviso, hebben echter wat speciaals in petto. De endemische en gitzwarte Salamandra Lanzai laat zich meermaals opmerken en zorgt samen met een schitterende omgeving voor een gelukte doorsteek. In de hut maken de Nederlandstalige de sterkste bezetting uit. Samen met een Vlaams groepje flinke zestigers en een jong Nederlands koppel zijn de anderen voor eenmaal in de minderheid. Wat het weer zal worden blijft een vraagteken wat diverse meteosites geven een even divers geprogrammeerde meteo voor morgen. Na een erg karig beschuitenontbijt met koude koffie zijn we om 5u30 vertrekkenklaar. Op mijn vraag of er iemand een foto genomen heeft komt geen antwoord. Nog enkele flitsen later en al wat hoger, krijgen we zicht op een schitterend spel van weerlichten en bliksems. Ze zijn nog veraf maar zullzn ze voorbijflitsen of hebben ze het ook op ons gericht. De juiste beslissing nemen is nu moeilijk. Met in het achterhoofd de verschillende meteoberichten waarin we zowat alles konden krijgen en het schouwspel dat dit in onduidelijke richting verplaatst is dit geen sinecure. Wanneer het weerlichten ophoud wordt dit al gemakkelijker. We gaan al door naar de Passo delle Sagnette en zullen daar opnieuw bekijken wat mogelijk is. Het klaart boven de Monviso totaal uit dus stevenen we verder. Na het Andreottibivakje beginnen we aan de eigenlijke wand. Niemand heeft problemen, de klim verloopt uitstekend dus dat beloofd. Wanneer ik op zo’n 250 meter onder de top het weer terug in de gaten krijg ziet het er minder fraai uit. Donkergrijze wolken blazen zich over de kam in onze richting. We besluiten het zekere voor het onzekere te nemen en beginnen aan de afdaling. Ik weet dat het een stukje desillusie met zich meebrengt, de beklimming loopt nu eenmaal als een trein. Daarnaast blijft de onzekerheid wat het weer gaat doen. Ondertussen is het wel heel wat kouder geworden en we zijn nog niet in de hut of het begint … jawel te …. sneeuwen. We zitten nauwelijks op 2640 meter en het is duidelijk dat ook enkele honderde meters lager de natuur zich in een wit deken hult. Oef, toch de juiste beslissing genomen. Dat verzacht de pijn van de “nederlaag” ook al hoeft dit met deze omstandigheden niet zo genoemd te worden. Op 1 september dalen we in een winters landschap terug af. Zouden de schoolkinderen bij ons hun eerste schooldag ook al glijden naar school gaan? Mijn dank aan Herwig, Pieter en Jan voor de mooie week, de aangename familiesfeer, de “mannen ondereen praat”, het genoegzame zilte vocht als afsluiter, … Jan Vanhees. De foto's